29 oktober: ‘useless machine’

Stond al jaren op mijn verlanglijstje (om te kopen/krijgen of zo).
Maar nu dus eentje zelf gemaakt.

Het idee achter de machine is, dat hij zichzelf uitzet als iemand hem aanzet.

Er zijn allerlei varianten, waarbij de machine wat onvoorspelbaar gedrag vertoont (bijvoorbeeld soms even wacht).
Maar ik heb het supersimpel gehouden.
Eigenlijk zou ik een mooier kistje moeten hebben (wellicht wat kleiner) en wel meer verfraaiïngen aanbrengen.
Maar mezelf kennende zal het hier wel bij blijven.
Het is natuurlijk maar heel even leuk, maar ik ben blij dat hij in mijn boekenkast staat…

20 oktober: Ziek

Zondag 10 oktober kamen we terug van vakantie. Maandag begon ik eens ferm aan het opruimen van mijn foto’s (1700 gemaakt…).
Om 4 uur ‘s middags kreeg ik opeens koorts.
Het werd die week steeds vervelender.
Donderdag belde ik met de huisarts (alleen maar) om me af te melden voor de griepprik die middag. Ze wilde dat ik vrijdag terugbelde als de koorts niet over was.
Vrijdag had ik 40+ en moest langskomen. De huisarts ‘in opleiding’ vertrouwde het niet en stuurde me naar de Spoedeisende hulp. Daar sta je ook wat van te kijken…
Bij de SEH ging ik het hele circus door: hartfilmpje, longfoto, infuus, bloedtesten, urine, coronatesten, noem maar op.
Uiteindelijk was de conclusie: “u heeft longontsteking; we verdenken legionella”.
Ze twijfelden of ze me zouden houden, maar ik mocht met een antibioticakuur naar huis.

Zaterdag had ik het nog erg slecht (41.2?), maar het werd langzaam beter en maandagmiddag ‘ging het licht weer aan’ en was ik verder koortsvrij.
Nog wel wat gammel. Kuur afmaken en voorzichtig aan de conditie werken.
Maandag belden ze op: het was geen legionella en ze weten het verder ook niet.
Vrijdag voor controle naar het ziekenhuis, en ze vinden het verder prima.

Achteraf gezien had een meer ervaren huisarts me misschien zelf gewoon een antibioticakuur gegeven en was ik ‘opgeknapt na een pilletje van de dokter’. Een mens schrikt toch wel wat van zo’n bezoek aan de spoedeisende hulp.
Loos alarm zullen we maar zeggen. Maar ik heb een aantal bar slechte dagen gehad (met 40+ koorts) en ben nog aardig brak.

Zondag: dag 9 van de Italië-vakantie

We vliegen (om 3 uur) vanaf Bari en zullen eerst nog die stad bezoeken.
Vanaf ons hotel is het ruim twee uur rijden (met files) en we komen rond half elf in Bari aan. In de stromende regen.
Eigenlijk hebben we de afgelopen week best geluk gehad met het weer. Twee regendagen (met deze erbij) en een paar flinke buien in Lecce. Maar ook heel veel zon.

Bari heeft als patroonheilige Sint Nicolaas. Jawel. Die. In de crypte van de kerk (waar ook zijn relieken worden bewaard) staat een groot standbeeld van hem. Hij heeft een lekker kleurtje. Bijna een zwarte Piet… :-)

Na het bezoek aan de kerk lopen we de kletsnatte stad in. Er is een straatje wat beroemd is omdat daar (in allerlei keukentjes) ‘de pasta van Bari’ (orecchiette) wordt gemaakt.
Ze leveren aan restaurants, maar verkopen ook graag wat aan toeristen.

We schuilen in een koffiebar en ik drink daar mijn beste ‘Americano’ van deze vakantie.
Om een uur of 12 sukkelen we in een uurtje naar het vliegveld en gaan daar het ritueel door.
We vertrekken precies om 15:10 uur en komen mooi op tijd op Schiphol. Daar moeten we bijna een uur op de koffers wachten en zijn om een uur of 8 thuis.

De eerste evaluatie van de vakantie komt op ‘een 7’.

Zaterdag: dag 8 van de Italië-vakantie

We rijden vandaag naar het diepe zuiden; naar de punt van de hak.
Ik denk ‘omdat het moet’. ‘Dat je dan niet verder kunt’ of zo. Verder zie ik er niet veel reden voor.
In alle vroegte (8 uur) vertrekken we en komen al om 9 uur aan in het kustplaatsje Otranto. Dat is wel een leuk stadje. Ze slapen nog.

Er valt wel wat te vertellen over het stadje. Ze hebben een kerk. Het is zelfs een kathedraal. En de vloer van die kerk bestaat uit een bijzonder mozaïek.
Minstens zo eigenaardig is dat achter het altaar een hele wand met schedels en botten staat. Het zijn de resten van de martelaren van Otranto. In 1480 veroverden de Turken de stad en 813 mensen moesten hun christelijk geloof afzweren, of…
Zie achter het altaar hoe dat afgelopen is.

We rijden door tot we niet verder kunnen. Het is prachtig weer en Arianne belt om twee boten te bestellen, om een boottocht over zee te maken. Daarmee redt ze (wat mij betreft) de dag.
Het is nog een aardig serieus tochtje en de boten varen tot vlak aan de rotsen. We vertrekken om 12:30 en zijn bijna precies een uur weg.
Na dit avontuur lunchen we gezamenlijk en om een uur of 3 vertrekken we.

Na een tussenstop (die niet veel oplevert) aan het kustplaatsje Gallipoli, rijden we naar het hotel.
Het zit erop. Vanavond ‘Bonte Avond’…

Vrijdag: dag 7 van de Italië-vakantie

We rijden naar Lecce: ‘de barokstad van zuid-Italie’, in de hak van de laars.

We maken een stadswandeling en bezoeken een paar kerken. Deels omdat we moeten vluchten voor de regen.
Maar na de lunch is het weer droog.
Normaal gesproken staat voor deze dag ook een bezoek aan Bari op het programma. Maar zondagmiddag vliegen we pas laat vanaf Bari en zullen daarom die stad zondagmorgen bezoeken. Daarom hebben we vanmiddag vrij. Dat is ook wel eens lekker.
‘s Avonds eten we voor het eerst eens niet in het hotel, maar wat meer luxe in een fijn restaurant (met twee aardige leden van ons gezelschap).

Donderdag: dag 6 van de Italië-vakantie

Achteraf wordt dit een van de mooiste dagen van de vakantie.
We rijden naar de stad Matera; die beroemd is vanwege zijn (voormalige) grotten. Tot 1950 woonden er nog duizenden mensen in grotten, in de heuvels naast het ‘moderne’ Matera.
De regering wilde aan die ellende een einde maken en heeft huizen in/op/voor die grotten gebouwd. Maar die grotten zijn er nog wel (als achterkamer, of kelder). Een (uitstekende) Engelstalige gids voert ons een paar uur door deze ‘Sassi’.

Na de lunch rijden we terug naar Alberobello en lopen naar een gebied (nogal toeristisch) met ‘Trulli’. Een Trullo is een soort kabouterhuisje (met een leistenen puntdak) wat je daar overal in de buurt ziet staan. Maar vlak bij ons hotel is een hele wijk van die dingen.

Woensdag: dag 5 van de Italië-vakantie

We steken over naar de andere kust van Italië.
Na een flinke file komen we rond de lunch aan in Trani. Een mooi wit stadje met een prachtige kathedraal. Daar kunnen we niet in, want er wordt getrouwd.

Na de lunch weer een stukje het binnenland in, voor een bezoek aan ‘Castel del Monte’.
Het is maar een eigenaardig gebouw. Als ‘kasteel’ heb je er niks aan. Het staat op een plek zonder water en er is ook geen sprake van verdedigingswerken.
Men denkt eigenlijk dat het ‘alleen voor de lol’ is gebouwd.

Dinsdag: dag 4 van de Italië-vakantie

We betalen voor het mooie weer van de afgelopen dag en vertrekken met regen voor een busrit langs de Amalfi-kust.
Ik denk dat het met mooi weer inderdaad een heel stuk mooier zou zijn geweest.
In Amalfi is een mooie kerk. Je moet met een steile trap omhoog. In ons gezelschap is een emeritus-dominee en volgens hem moet je zo’n trap ‘eigenlijk’ op je blote knieën beklimmen. Als ik hem aanbiedt om zijn rugzakje te dragen zegt hij dat in het woordje ‘eigenlijk’ al genoeg besloten ligt.

Langs de kust wordt niet alleen veel limoncello verkocht; maar ook best mooie keramiek. Achteraf heb ik spijt dat ik niet zon kerstbal heb gekocht…

Normaal gesproken zou je vanaf Amalfi door de bergen ‘omhoog’ rijden, maar vanwege het weer rijden we nog een stukje langs de kust en gaan dan over de grote weg terug.

Dag 3 van de Italië-vakantie

Op Maandag ‘beklimmen’ we (met prachtig weer) eerst de Vesuvius.
Daarna een gemeenschappelijke lunch en dan bezoeken we de opgravingen van Pompeï.
Daar hebben we dezelfde gids als gisteren en weten nu zeker dat ze een ooggetuige-verslag geeft.

Dag 1 en 2 van de Italië-vakantie

Zaterdag 2 oktober vertrekken we voor onze vakantie naar Italië.
We reizen met een gezelschap van SRC een dag of 8 door het zuiden.
Zondag een wandeling door Napels en daarna een bezoek aan het archeologisch museum. Onze (Nederlandse) gids in dat museum heeft volgens mij nog zelf de uitbarsting van de Vesuvius meegemaakt….